Samen met Anna Rudolf had ik anderhalve week geleden in een paar oude peeskamers twee wanden voor de helft zwart geschilderd, dus toen ik daarna weer eens op YouTube zat kwam ik via via op I want to paint it black. Een videoclip uit eind jaren negentienzestig. Als door de tijd vervaagde poppetjes spelen Mick Jagger, Keith Richards, Johnny Wood, Bill Wyman en drummer Charlie Watts de sterren van de hemel. Het legendarische nummer vindt zijn oorsprong in het werk van de Amerikaanse kunstenaar Mark Rothko. Mick Jagger vond direct inspiratie in de schilderijen en de vaak sombere gemoedstoestand van de schilder.
Rothko, die zijn wortels heeft in Letland, maar in 1913 naar toen nog het beloofde land Amerika vertrok, heette eigenlijk Marcus Rothkowitz. Zijn werk staat erom bekend dat het bestaat uit intense en tegelijk vage vlakken, vaak donkerrood, donkergrijs of zwart. In tientallen lagen over elkaar heen geschilderd. In de Tate Gallery in Londen en in de Rothko Chapel in Houston is dat goed te zien. Religieus word je er niet van, maar er doen wel verhalen de ronde dat de stemmingen van de bezoekers duidelijk beïnvloed worden.
Omdat duiding niet direct mogelijk is, zijn er beschouwers die deze uitwerking bovennatuurlijk noemen. De aan de randen zeer omfloersde kleurvierkanten hebben veel weg van schimmen, hoewel veel mensen er niet meer dan rechthoeken of vierkanten in zullen zien. Niet figuratief. Als we echter op de schilder af moeten gaan, is het in ieder geval ook niet abstract! Wat dan wel… levende kleuren die als op zichzelf staande objecten op de trillingen van het luchtledige drijven? Opwaaiende elementen in de materie van verf en doek, reikend naar de kijker om hem te omhelzen? Ruimtes? Mogelijk zijn het vlekken om in te verdwijnen of juist uit te herrijzen. Een verwezenlijking van een persoonlijke sfeer, misschien. Een ding is zeker: in zijn laatste jaren gaf de schilder zich steeds meer over aan alleen nog maar ‘paint it black’. I see the girls walk by dressed in their summer clothes /I have to turn my head until my darkness goes.
Wil je zelf weten wat het is, ga dan eens naar zo’n echte Rothko kijken. In Nederland is er maar een museum dat er een in de collectie heeft: Museum Boijmans van Beuningen. Grijs en oranje op kastanjebruin, no.8 heet het uit 1960 stammende werk. Helaas bevindt het zich in het depot. Laat het eruit, zou ik zeggen. Het is er de tijd voor! Een lente-moment om het weer eens onder de mensen te laten komen: groots en indringend. En kleurig.
{ Reageren op dit artikel is niet mogelijk }
