Doodvallen en opveren

door Ilona Verhoeven op 11-04-2010

Suske en Wiske waren er niet, vorige week bij de uitreiking van de Gouden Ganzenveer, in hotel The Grand aan de Amsterdamse Oudezijds Voorburgwal. Ondanks hun album over de gelijknamige veer geen spoor van onze beroemde Belgische vrienden.

Avontuurlijk was de ceremonie in ieder geval wel, want laureaat Joke van Leeuwen gaf met een voorstelling een prachtige toelichting op haar werk en op een aantal andere zaken.
Zo bewees ze dat de laatste zin van Willem de Zwijger “Heere Godt weest mijn siele ghenadich, ick ben seer gequetst, Heere Godt weest mijn siele, ende dit arme volck ghenadich” wel erg lang is. Onmogelijk, een val is daar veel en veel te kort voor, zagen alle aanwezigen toen Van Leeuwen voor gelegenheid pats boem onderuit schoof en amper de helft van de woorden te berde kon brengen.

De Gouden Ganzenveer is volgens de eigen website ‘de literaire prijs voor een persoon of instituut vanwege zijn of haar grote betekenis voor het geschreven en gedrukte woord in Nederland’. Waarom heeft Joke van Leeuwen deze onderscheiding dan eigenlijk niet al veel eerder ontvangen, vroeg academielid Nelleke Noordervliet zich in een toespraak af.
Geprezen werd de veelzijdigheid van schrijver, illustrator en performer Van Leeuwen – iets wat ze zelf liever veelvormigheid noemt. Ook in The Grand toonde Van Leeuwen zich een bijzonder kunstenaar. Niet alleen viel ze zomaar even dood en veerde ze probleemloos weer op, alles ging even moeiteloos over van het een op het ander. De officiële voordracht als reactie op de prijs werd afgewisseld met een boeiende performance van gedichten en andere teksten, waaronder uit haar laatste boeken Alles is nieuw en Toen mijn vader een struik werd. 
Ze toonde foto’s van haar werk in Antwerpen, waar ze tot eind januari dit jaar stadsdichter was, en tekeningen uit haar boeken. Een paar gedichten bracht ze zingend ten gehore, want zingen hoort bij haar, legde ze uit. Muziek heeft ze van huis uit meegekregen: in het gezin werd elke dag, met de Bijbel onder handbereik, gezongen. Tijdens haar optreden werd ze bijgestaan door enkele Antwerpse muzikanten, normaal spelend onder de naam The Valerie Solanas. Een tekst in Vlaams dialect werd gezongen door zanger van de band, Michaël Brijs. De schrijfster, die zichzelf ook wel als Nederbelg betitelt, verhuisde weliswaar al in haar jeugd naar België maar heeft een onmiskenbaar Hollandse tongval.
Door die verhuizing die ze als meisje meemaakte, weet ze als geen ander wat taalbarrières, omgangsproblemen, misverstanden en grensgevoelens zijn. Het klinkt waarschijnlijk dramatischer dan het is, maar het zijn inmiddels thema’s die Van Leeuwen in haar werk dikwijls op verrassende wijze verbeeldt en verwoordt. Prachtig te zien in het gedicht
Lijmen bijvoorbeeld. Als citaat uit het werk van Joke van Leeuwen hier dus tot slot een gedicht!

Lijmen

Ik had drie beestjes,

drie beestjes van steen.

Een vogeltje.

Een veulentje.
Een varkentje. 

 Ze zijn gevallen.

Ze braken stuk.

Ik heb ze gelijmd.

‘t Is bijna gelukt. 

Ik heb drie beestjes,

drie beestjes van steen.

Een volentje.
Een veukentje.

Een vargeltje.

———
zie ook:
www.jokevanleeuwen.com
www.thevaleriesolanas.be

Vorig artikel:

Volgend artikel: